Hoe zit het nu met die conventie?

In juli 2021 berichtte de pers over een nieuwe conventie die psychologische zorg betaalbaar maakte voor iedereen. Al snel werd duidelijk dat de berichtgeving iets te positief geformuleerd werd. Het budget was te beperkt om een terugbetaling te voorzien voor alle psychologische zorg. Daarom werden binnen de GGZ netwerken zorgpakketten ontwikkeld die de prioriteiten vaststellen in de regio.

Alt text

Net zoals niet elke psycholoog zal kunnen instappen in de conventie zal ook niet elke cliënt beroep kunnen doen op de conventie. De conventie richt zich op mensen met milde tot matig ernstige psychische klachten die geen toegang vinden tot het reeds bestaande aanbod aan psychologische zorg. Mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen (EPA) kunnen dus spijtig genoeg geen aanspraak maken op terugbetaling via de conventie.

De overheid wil ook ‘outreachend’ werken en psychologen naar zogenaamde ‘vindplaatsen’ brengen. Vindplaatsen definieert men als een plaats waar mensen met psychische problemen komen maar waar er tot op geen heden nog geen psychologen werkzaam zijn. Voorbeelden zijn scholen, CLB’s, OCMW’s, CAW’s, huisartsenpraktijken en wijkgezondheidscentra. De praktijken in Psychologennet komen dus strikt genomen niet in aanmerking. Gelukkig houden sommige netwerken wel rekening met de lokale omstandigheden en kunnen ambulante psychologische praktijken in bepaalde regio’s toch intekenen. Dit zorgpakket is echter zeer beperkt. In de regio Heist-op-den-Berg, Putte en Bonheiden (62.366 inwoners) worden bijvoorbeeld slechts 17 uren eerstelijnspsychologische zorg en 23 uren gespecialiseerde psychologische zorg voorzien. Het kan dus perfect zijn dat je psycholoog zich kandidaat stelt voor de conventie maar niet weerhouden wordt omwille van het beperkt aantal beschikbare uren. Of erger nog, je psycholoog is wel geconventioneerd maar kan je niet aanmelden voor de conventie omdat hij of zij voorrang moet geven aan welbepaalde cliënten. Geen enkele psycholoog kan immers al zijn of haar cliënten opnemen in de conventie. Er gaan keuzes gemaakt moeten worden.

We vinden het heel jammer dat we veel mensen moeten teleurstellen in hun vraag naar terugbetaling van hun psychologische zorg. We blijven echter ijveren voor een betere toegankelijkheid van psychologische hulpverlening en doen een oproep naar de overheid om meer budget vrij te maken zodat elke psycholoog (die dat wil) elke cliënt kan laten opnemen in de conventie.

 

RIZIV organiseert geestelijke  gezondheidszorg: psychologische hulpverlening tussen hamer en aambeeld! opiniestuk voor De Standaard, lezersbrief Humo

Op dinsdag 3 augustus verscheen in deze krant een kritisch artikel dat vraagtekens plaatst bij de overeenkomst die onlangs is afgesloten tussen het RIZIV en de klinisch psychologen en orthopedagogen. In dit artikel komt de kern van de kritiek erop neer dat de voorwaarden om zich als psycholoog of orthopedagoog te conventioneren en zo zijn patiënten / cliënten te laten genieten van het voordelige tarief van € 11 per sessie, de autonomie van de hulpverlener aantast. De hulpverlener is immers strikt gebonden aan het werkingsgebied van het netwerk geestelijke gezondheidszorg (GGZ) waarin de hulpverlener werkzaam is. Bovendien zal de berg papierwerk die de hervorming van de GGZ met zich meebrengt, zoals prof. Ariane Bazan, hoogleraar klinische psychologie in Brussel en Nancy, er ook voorzichtig en kritisch op wees, meer dan gestaag toenemen.

Maar het grootste probleem met deze hervorming blijft in dit artikel volledig buiten beeld. Niet zozeer de situatie van de hulpverlener staat hierbij centraal, maar die van de cliënt zelf. Was het maar zo dat alleen het papierwerk een hinderpaal was om in het nieuwe systeem te stappen. Het is waar dat psychologen en orthopedagogen gevoelig zijn voor hun verlies aan autonomie. Maar het is evenzeer waar dat zij -onafhankelijk vanuit welk perspectief je het bekijkt- dit aan de leiband lopen of doorgedreven samenwerken voor lief zullen nemen om hun cliënteel te laten genieten van het gunstige tarief. De kern van de problematiek situeert zich veeleer bij de cliënt; doe zou niet meer vrij kunnen kiezen naar welke psycholoog of orthopedagoog hij stapt. Bovendien doet dit de vertrouwelijkheid van zijn gesprekken met de hulpverlener of psychotherapeut zwaar geweld aan. De ethiek en de deontologie van de psychologische hulpverlening zijn hier in het gedrang.

Hulpverleners weten immers dat de voornaamste factor voor het welslagen van een therapie, de therapeutische relatie zelf is, meer bepaald de overdracht. Over de verschillende psychotherapeutische benaderingswijzen heen (gedragstherapie, systeemtherapie, cliënt centered of psychoanalytisch georiënteerde therapie) is iedereen het eens dat de vertrouwensband tussen therapeut en cliënt van primordiaal belang is. En dat is net wat deze overeenkomst te grabbel gooit. Zoals gezegd, moeten hulpverlener en cliënt tot hetzelfde netwerk van GGZ behoren. We weten niet wat de beweegreden voor deze louter op administratieve gronden lijkende voorwaarde is gebaseerd. Wat we wel weten, is dat bestaande therapeut–cliënt-relaties onder druk zullen komen te staan, omdat veel cliënten omwille van het financiële aspect zullen overwegen om naar een andere therapeut op zoek te gaan.

Maar wat betekent dat: naar een andere therapeut op zoek gaan? Dit is allerminst een neutraal gegeven. En hoewel op het eerste zicht een betere (financiële) deal lijkt, is er een essentieel aspect dat op het spel staat: de vertrouwensrelatie met de therapeut zal opnieuw moeten worden opgebouwd. En laat dat nu net voor veel cliënten centraal staan in hun problematiek. Het is niet enkel een financiële overdracht maar ook psychische (S. Leibovici). Psychisch lijden is vaak terug te brengen tot een gebrek aan een veilige relatie waarop je kan vertrouwen en bouwen. Dit aspect is des te belangrijker naarmate de ernst van de problematiek toeneemt. Het belang van de cliënt–therapeut-relatie is bijna recht evenredig met de ernst van de psychologische problematiek. 

Daarnaast zal deze wet ook een heel leger aan goedwerkende therapeuten buiten spel zetten. De wetgever erkent immers psychotherapeuten die psycholoog noch orthopedagoog zijn. Het feit dat psychotherapeuten niet opgenomen zijn in deze overeenkomst, wijst erop dat deze overeenkomst zich weinig inlaat of zelfs geen voeling heeft met de eigenheid van psychotherapie. 

Maar onze lijst met bedenkingen is nog niet rond. In het nieuwe voorstel wordt veel aandacht besteed aan overleg binnen de structuren van het netwerk waarbinnen de hulpverlener zal worden geplaatst. De communicatie tussen de actoren in dit netwerk gebeurt, zowel bij aanmelding, overleg als informatiemomenten aan de hand van een functioneel bilan. De overeenkomst vermijdt zoveel mogelijk de term ‘diagnose’, maar het is duidelijk dat er  vertrouwelijke elementen, die de cliënt niet wenst te delen, in zullen opgenomen worden.

Het functioneel bilan is ook een belangrijk element bij de eventuele doorverwijzing van de eerstelijnspsychologische zorg naar de gespecialiseerde psychologische zorg. Enkel zo zal gespecialiseerde zorg ‘vergoedbaar’ zijn: “op basis van een functioneel bilan opgesteld door een klinisch psycholoog/orthopedagoog en een arts”. Dit laatste maakt duidelijk welk model van de psychologische zorg hier gehanteerd wordt: het medische model. Zoals gezegd, wenst de cliënt in veel gevallen geen vertrouwelijke informatie met anderen te delen, ook niet met een arts. Ten tweede is het feit dat een cliënt naar gespecialiseerde psychologische hulp wordt doorverwezen afhankelijk van een arts, niet eens een psychiater. Zonder de competenties van individuele artsen in vraag te stellen, is het op zijn minst merkwaardig dat artsen in het algemeen een mandaat krijgen toebedeeld waarvoor zij absoluut niet opgeleid zijn. Voor de arts zelf is dit niet zo merkwaardig, voor hem is het een evidentie in het centrum van de gezondheidszorg te staan. Het staat echter buiten kijf dat de arts in heel wat van de domeinen rond deze van het strikt medische (bv. kinesitherapie) niet is opgeleid en bijgevolg niet over de nodige kennis en competenties beschikt. De overeenkomst over de financiering van de psychologische functies is een ideaal moment om dit te erkennen en onze gezondheidszorg op een modernere leest te schoeien. Omdat  deze procedure het psychisch welzijn van de cliënt niet ten goede kom (een arts kan niet noodzakelijk volledig oordelen over de noodzaak van gespecialiseerde psychologische hulp), kan dit een hindernis voor de autonomie van de klinisch psychologen orthopedagogen worden.

Het moge duidelijk zijn dat de onlangs afgesloten overeenkomst aan een grondige kritiek kan onderworpen worden. Heel wat psychologen/orthopedagogen zullen aarzelen om hun handtekening onder de overeenkomst te zetten. En dan is de vraag of de overeenkomst haar doel niet voorbijschiet, namelijk het inkorten en betaalbaar maken van gepaste psychologische zorg. Het komt ons voor dat de onderhandelaars deze bui ook al wel zagen hangen. Als kers op de taart voorziet men immers een financiële enveloppe die de hulpverlener een behoorlijke vergoeding van €75 per consultatie belooft, terwijl de cliënt zelf gemiddeld €11 zal moeten betalen (voor 4 à 10 individuele sessies eerstelijnspsychologische zorg en 8 à 20 sessies gespecialiseerde psychologische zorg). Geen enkele hulpverlener wil zijn cliënt het voordeel van de eigen beperkte bijdrage onthouden. Is de vergoeding van €75 voor de hulpverlener zoals de 30 zilverlingen? In ieder geval is dit honorarium niet meer dan billijk in het kader van wat vrije beroepers aanrekenen voor een uur prestatie. Kan het zijn dat deze financiële regeling moet dienen om ondanks de kritiek toch maar de overeenkomst te ondertekenen en zich te ‘conventioneren’? De discrepantie tussen het voorspiegelde financiële plaatje en de administratieve kost van heel de structuur van deze GGZ, voedt ons vermoeden dat de symbolische waarde van deze 75/11 regeling inderdaad een glijmiddel is voor, ja waarvoor? De uitvoerende macht doet er alles toe om de GGZ in een systeem te duwen dat meer gericht is op structuren, organisatie en controle dan waar het in feite om te doen is: het psychisch welbevinden van de cliënt waarbij de band met de hulpverlener centraal mag staan. Dit komt aardig in de buurt van wat Michel Foucault de ‘bio-politiek’ noemt. De voorgestelde structuur wil volgzame individuen die ze in de eerste plaats wil normaliseren zodat ze ten volle benut kunnen worden. “Duizenden jaren lang is de mens gebleven wat hij reeds in de visie van Aristoteles was: een dier dat leeft en daarenboven in staat is tot een politiek bestaan. De moderne mens is een dier met een politiek die zijn bestaan als levend wezen ter discussie stelt.” Als ons vermoeden waar is, als de 75/11 regeling een glijmiddel is, dan mag/moet dit als een vorm van prostitutie beschouwd worden. Tot nader order is het aanzetten tot prostitutie een strafbaar feit.

Erling Van Roy
psycholoog bij Tempierenhof, filosoof en
ervaringsdeskundige

Tim Peeters
psycholoog en psychotherapeut bij Tempierenhof

Eline Coppens
psycholoog en psychotherapeut (UZ Leuven)

Hoera voor 11 euro naar de psycholoog, of toch geen hoera …?

1 augustus 2021

Alle media pikten op 29 juli 2021 het nieuws op dat je vanaf september voor 11 euro naar de klinisch psycholoog of orthopedagoog kan. Het bericht werd ook massaal gedeeld op sociale media met heel veel hoeraberichten. Maar zoals wel vaker het geval is, worden de belangrijke nuances bij zo’n bericht niet vermeld. Bijgevolg deel ik ze graag met jou in deze blog.

Wat heeft de overheid beslist met betrekking tot geestelijke gezondheidszorg?

Alvorens in te gaan op de nuances geef ik even een kort overzicht van deze nieuwe regeling.

Het RIZIV heeft een akkoord bereikt omtrent de financiering van de geestelijke gezondheidszorg. Het doel is het financieel toegankelijker maken van geestelijke gezondheidszorg. Het volledige akkoord kan je via deze link lezen.

De financiering wordt voorzien voor 2 vormen van zorg:

  • de eerstelijnspsychologische zorg waarbij deze vorm van hulp gericht is op het behouden van of het terug vinden van een gezonde levensstijl en een bevredigende levenskwaliteit. Het aanbod kan zowel via groeps- als individuele sessies.
  • de gespecialiseerde psychologische zorg waarbij deze vorm van hulp bedoeld is voor zij die gespecialiseerde zorg nodig hebben voor hun onderliggende psychische aandoening. Het aanbod kan zowel via groeps- als individuele sessies.

Volwassenen kunnen volgens deze regeling 5 groepssessies of 8 individuele sessies vergoed krijgen in een periode van 12 maanden. Dit kan voor de gespecialiseerde zorg uitgebreid worden tot maximum 12 groepssessies of 20 individuele sessies. Kinderen en jongeren kunnen 8 groepssessies of 10 individuele sessies vergoed krijgen in een periode van 12 maanden. Dit kan voor de gespecialiseerde zorg uitgebreid worden tot maximum 15 groepssessies of 20 individuele sessies.

Als cliënt betaal je 4 of 11 euro naargelang je al of niet recht hebt op een verhoogde tegemoetkoming.

Waarom is deze terugbetalingsregeling geen hoera voor jou als cliënt / hulpzoekende?

Uiteraard is het goed nieuws dat de overheid mentale gezondheid au sérieux neemt en hiervoor geld vrijmaakt. Niemand zal dit ontkennen, dus ja op dat vlak deel ik de hoera-gevoelens. Het wordt hoog tijd dat er niet alleen oog is voor de fysieke gezondheid, maar dat de geestelijke gezondheidszorg evenwaardige aandacht krijgt. Dus een beslissing als deze is op dat vlak zeker een stap in de goede richting. Er is echter een MAAR.

Er zijn enkele nuances bij deze terugbetalingsregeling waarvan ik vermoed dat de meerderheid van de burgers niet op de hoogte is, maar die wel belangrijk zijn om te weten. Ik som ze hierna – in willekeurige volgorde – even op.

Een 1e nuance: deze terugbetaling is niet voor iedereen.

Deze terugbetaling beperkt zich tot de psychologische hulp die aangeboden wordt door geconventioneerde psychologen en orthopedagogen. Dit wil dus zeggen die psychologen en orthopedagogen die bereid zijn om onder bepaalde voorwaarden te werken binnen dit systeem (cfr nuance 5).

Als je de hulp inroept van een psychotherapeut die geen psycholoog / orthopedagoog is, kom je niet in aanmerking voor deze terugbetalingsregeling. Want ondanks het feit dat psychotherapeuten een opleiding van minstens 7 jaar achter de rug hebben en dus degelijk opgeleid zijn om jou te begeleiden bij psychische problemen, wordt deze vorm van hulp door de overheid niet terugbetaald als dit niet aangeboden wordt door psychologen of orthopedagogen.

Ook als je de hulp inroept van andere zelfstandige hulpverleners (psychologisch consulent, seksuoloog, coach, …) zal je niet kunnen rekenen op de terugbetaling… Deze terugbetalingsregeling is dus niet voor iedere vorm van hulp en kan niet door elke zelfstandige hulpverlener aangeboden worden.

Een 2e nuance: de vrije keuze van hulpverlener ontbreekt in dit systeem

Een 2e nuance is het feit dat je als hulpzoekende niet de vrijheid zal hebben om jouw hulpverlener te kiezen. Je zal je als cliënt dienen aan te melden bij de psychologische hulpverlener in de eerstelijnspsychologische zorg die verbonden is aan 1 van de 32 netwerken geestelijke gezondheidszorg. Deze hulpverlener zal een formulier (het functioneel bilan) dienen in te vullen samen met een arts en op basis daarvan zal beslist worden bij wie je terecht kan voor eerstelijnspsychologische zorg danwel gespecialiseerde psychologische zorg. Dit zal met andere woorden 1 van de geconventioneerde psychologen of orthopedagogen zijn en dus niet automatisch de hulpverlener die jij verkiest.

Een 3e nuance: het vooropgestelde aantal sessies is geen afdwingbaar recht

Volwassenen kunnen 8 individuele sessies per jaar terugbetaald krijgen en voor kinderen en jongeren zijn dit er 10 sessies per jaar. In bepaalde omstandigheden kan dit uitgebreid worden tot 20 sessies, maar dit is geen opeisbaar recht voor elke hulpzoekende. Er wordt gewerkt met een portefeuille en als de portemonnee leeg is, zal je niet van het terugbetalingssysteem kunnen genieten. Je zal met andere woorden op dat moment toch het volledige bedrag zelf moeten betalen. Ook als je meer sessies nodig hebt, dien je daarna alles zelf te betalen.

Een 4e nuance: jouw verhaal wordt met verschillende actoren gedeeld

Binnen de wereld van geestelijke gezondheidszorg hechten we veel belang aan het beroepsgeheim. Wat je in vertrouwen vertelt aan jouw hulpverlener dient ook vertrouwelijk te blijven.

In dit systeem zal er echter informatie over jou met anderen worden gedeeld. Het start bij de aanmelding waarbij de psycholoog / orthopedagoog een verslag maakt samen met de arts van het netwerk. En daarnaast wordt bij de evaluatie / onderbreking / beëindiging van de gespecialiseerde begeleiding informatie gedeeld met jouw huisarts, dit terwijl ik toch menig cliënt ken die dit niet wil.

Deze regeling zorgt ervoor dat je als cliënt niet meer zelf kan beslissen wie er wel of niet weet dat jij beroep doet op psychologische hulp.

Een 5e nuance: niet elke psycholoog of orthopedagoog zal bereid zijn om via dit systeem te werken.

Je zal naar analogie van de artsen geconventioneerde en niet-geconventioneerde psychologen / orthopedagogen hebben. Dus psychologen / orthopedagogen die zich aansluiten bij dit systeem en waarbij terugbetaling mogelijk is en anderen die zich niet aansluiten en waarbij de terugbetaling niet mogelijk is.

Terwijl het al of niet geconventioneerd zijn niets wil zeggen over de geboden kwaliteit noch de ervaring die de desbetreffende hulpverlener heeft. Dus ja, het kan zijn dat je nu bij een psycholoog of orthopedagoog langs gaat, maar dat je toch niet zal kunnen genieten van die 11 euro als jouw hulpverlener beslist om niet in dit systeem te stappen.

En je vraagt je wellicht af waarom niet iedere psycholoog / orthopedagoog voor dit systeem zal kiezen. Het antwoord is simpel. Dit systeem stelt heel wat voorwaarden aan de zelfstandige psycholoog / orthopedagoog die enerzijds de autonomie van de hulpverlener beperken, extra werk en financiële investeringen met zich meebrengt en toch ook wel vragen oproept inzake het beroepsgeheim en de visie op geestelijke gezondheidszorg.

Enkele van die voorwaarden nader toegelicht:

  • de klinisch psycholoog / orthopedagoog dient zich aan te sluiten bij 1 van de 32 netwerken geestelijke gezondheidszorg waardoor er een stuk autonomie verdwijnt
  • de klinisch psycholoog / orthopedagoog dient deel te nemen aan de intervisie / supervisie die georganiseerd wordt door het netwerk GGZ. Men is dus niet langer vrij om de intervisiegroep of supervisor te kiezen die men zelf wil. Wil men de vrije keuze behouden, dan dient men dubbel te investeren en aan te sluiten bij 2 intervisiegroepen: de zelf gekozen groep en de groep van het netwerk.
  • de klinisch psycholoog / orthopedagoog kan enkel sessies uitvoeren binnen het werkingsgebied van het netwerk GGZ waarmee hij een overeenkomst afsloot. De hulpverlener kan dus een cliënt die buiten deze regio woont niet begeleiden, zelfs al beschikt hij over de expertise die de cliënt nodig heeft.
  • de klinisch psycholoog / orthopedagoog is verplicht om een individueel patiëntendossier bij te houden conform de bepalingen van de wet inzake patiëntenrechten wat dus extra administratie met zich meebrengt, maar ook investeren in digitale tools
  • de klinisch psycholoog / orthopedagoog dient zich te engageren om minstens 8u per week voor het netwerk te werken. Dit is voor de collega’s die werken als zelfstandige in bijberoep niet altijd mogelijk gezien ze naast hun praktijk ook nog een andere job uitoefenen (al of niet fulltime).

En wat de visie betreft: deze regeling kijkt heel sterk vanuit een medisch oogpunt naar geestelijke gezondheidszorg en daar zijn niet alle hulpverleners, inclusief ondergetekende, het mee eens.

Een koppel dat na de komst van hun eerste kind relatieproblemen ervaart, omdat ze het moeilijk vinden om een nieuwe balans te vinden in hun leven bij het invullen van de verschillende rollen: ouder / partner / werk / familie / hobby / vrienden / …. en beslist om professionele hulp in te schakelen omdat ze het zelf even niet meer weten, zijn ze dan ziek?

Een papa die het moeilijk vindt om – na de scheiding – zijn kind een week niet te zien en ondersteuning zoekt bij het omgaan met deze situatie. Is deze papa ziek?

Een vrouw die al jaren getrouwd is, wordt verliefd op haar collega. Ze vraagt zich af wat ze met deze gevoelens moet doen. Kenbaar maken aan haar collega en zo ja wat betekent dit voor haar huwelijk? Met een psychotherapeut wil ze haar twijfels bespreken. Is deze vrouw ziek?

Ik kan zo nog heel wat voorbeelden geven van mensen die op een bepaald moment in hun leven worstelen, twijfels hebben en hiervoor een hulpverlener aanspreken. Ze hebben nood aan een onafhankelijk, professioneel klankbord dat samen met hen op pad gaat. De medische inbedding van psychologische hulp zal ervoor zorgen dat we deze worstelingen dienen te vertalen naar diagnoses. We zullen etiketten op de worstelingen van mensen dienen te plakken en dit sluit niet aan bij de visie van menig hulpverlener.

Een 6e nuance: wat met gezins- en relatietherapie?

Over gezins- en relatietherapie zie ik niets in de tekst staan. Hoe zal dit gefinancierd worden of komt dit niet in aanmerking voor terugbetaling…? Hierover is er (nog) geen duidelijkheid.

Tot slot

Op vandaag zijn er nog heel wat vraagtekens in het werkveld omtrent de concrete toepassing van deze maatregel. De psychologen en orthopedagogen die geacht worden deze maatregel vanaf september toe te passen, werden net als jij via de media hierover geïnformeerd. Er zijn nog heel wat zaken onduidelijk.

  1. Psychologische steun voor studenten én 65-plussers versnellen

Uit standaard.be

Federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (SP.A) wil de komende week al drie maatregelen afkloppen om de nood aan psychologische ondersteuning te lenigen. In de eerste plaats voor studenten en jongeren, maar óók voor ouderen, zo zei hij in De zevende dag.

De motivatiebarometer die aanduidt in hoeverre de burgers bereid zijn om zich aan de coronamaatregelen te houden, staat op een dieptepunt. Dat bevestigde psycholoog Maarten Vansteenkiste (UGent) in De zevende dag op één. Vooral studenten en jongeren hebben het moeilijk. Voor die laatste groep is de time-out die het overlegcomité afgelopen vrijdag inlaste – er kwamen dus geen versoepelingen – een ‘mokerslag’, aldus Amir Bachrouri, voorzitter van de Vlaamse jeugdraad.

Er moet meer aandacht zijn voor de mentale gezondheid’, gaf ook minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke toe. ‘We zijn in ons land zwak uitgerust voor wat betreft de onmiddellijke psychologische ondersteuning van mensen.’ Hij herhaalde dat hij een plan heeft om een ‘massieve investering’ te doen in mentale eerstelijnsondersteuning, goed voor 112 miljoen euro.

Quick wins

‘Maar dat zal nog een tijdje duren’, verklaarde de minister. ‘De vraag is urgent, vandaar dat ik wil versnellen.’ De komende week wil hij op de federale ministerraad drie maatregelen voorleggen om snel(ler) te kunnen schakelen: meer en toegankelijke ondersteuning van studenten, een versterking van de mobiele hulpverlening – niet het minst voor kinderen en jongvolwassenen – én extra aandacht voor ouderen. ‘De 65-plussers worden in dezen al eens vergeten’, stelde hij immers vast.

De financiering kan vlot geregeld worden, maakte Vandenbroucke zich sterk, via de ziekenhuisfinanciering. Al zal de ondersteuning zelf niét in de ziekenhuizen gebeuren. ‘Maar: je moet natuurlijk de mensen vinden. Ik beschouw het als een tussenstap in afwachting van de uitrol van het grote plan.’

Onderwijs eerst

Professor Vansteenkiste reageerde enthousiast, maar benadrukt ook de nood aan perspectief voor studenten, bijvoorbeeld duidelijkheid over de zogenaamde ‘kotbubbel’.

Duidelijkheid is belangrijk, beaamde Vandenbroucke. Als het van hem afhangt, krijgt het onderwijs prioriteit als er versoepeld wordt. ‘Laat ons álles doen om de scholen open te houden. Ik roep iedereen op om vooral thuis te blijven en te telewerken, zodanig dat we alle kinderen en jongeren naar school kunnen laten gaan, dat is voor mij essentieel.’

 

COVID-19: extra psychologische hulp voor zelfstandigen

Gebaseerd op https://www.riziv.fgov.be/nl/nieuws/Paginas/covid19-extra-psychologische-hulp-zelfstandigen.aspx

9/02/2021
De geestelijke gezondheid is een ernstig aandachtspunt dat extra van belang is gedurende deze gezondheids- en financiële crisis veroorzaakt door de COVID19-pandemie. Onder mensen met een hoog risico op psychische nood of zelfs zelfdoding, vormen de zelfstandigen een belangrijke risicogroep.Daarom heeft het Verzekeringscomité van het RIZIV, op vraag van de minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO’s en Landbouw, en de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, maandag zijn goedkeuring gegeven aan een overeenkomst met een VZW belast met het realiseren van een aanvullend ondersteuningsaanbod specifiek voor zelfstandigen.U komt vaak in contact met zelfstandigen met problemen of bent u een klinisch psycholoog/orthopedagoog en heeft u interesse om aan dit project mee te werken, houd dan de komende weken onze communicatiekanalen in het oog voor meer concrete info.

8 gratis sessies psychologische zorg voor zelfstandigen

Zelfstandigen met psychische noden zullen binnenkort een beroep kunnen doen op maximaal 8 gratis sessies psychologische zorg bij een klinisch psycholoog/orthopedagoog.

Zelfstandigen krijgen toegang tot dit aanbod vanuit:

  • een specifieke gratis hulplijn en/of
  • of een alarm dat geactiveerd wordt door
    • “Verkenners” (bijvoorbeeld: curatoren, banken, ondernemingsloketten, sociale verzekeringsfondsen voor zelfstandigen, sociale secretariaten, zorgverleners, enz.)
    • of klinisch psychologen/orthopedagogen die regelmatig in contact komen met zelfstandigen.

Deelnemen aan dit project in volle ontwikkeling

In samenwerking met de actoren op het terrein en de netwerken geestelijke gezondheid zal dit project in de komende dagen en weken verder vorm krijgen. Dit is een tijdelijke maatregel om aan de noden van deze crisis tegemoet te komen. Het gaat om een overeenkomst van een jaar.

Komt u of uw organisatie vaak in contact met zelfstandigen met problemen of bent u een klinisch psycholoog/orthopedagoog en heeft u interesse aan dit project mee te werken, houd dan de komende weken onze communicatiekanalen in het oog voor meer concrete info.

Mensen die momenteel al een psychische nood hebben, raden we aan om meteen een psycholoog of psychiater te contacteren.

 

Terugbetalingen?

Over terugbetaling door de overheid deel ik grotendeels de mening van

Psychologen vrezen dat terugbetaling maat voor niets zal zijn.

18-05-2018
Maggie De Block
Al 20 jaar kijken de psychologen en hun cliënten uit naar een tussenkomst van de overheid voor psychologische begeleiding. Vandaag kondigde Maggie De Block de langverwachte terugbetaling aan. Een historisch moment, aldus de minister, maar de psychologen zullen de kelk alvast aan hen laten voorbijgaan. “Dit eenzijdig voorstel is niet realistisch, psychologen op het terrein zullen hier niet op intekenen,” aldus Koen Lowet, gedelegeerd bestuurder Vlaamse Vereniging van Klinisch Psychologen.

Vanmiddag keurt de ministerraad een voorstel van Maggie De Block, federaal minister van volksgezondheid, goed wat voor het eerst voorziet in een terugbetaling van psychologische interventies. Het voorstel houdt in dat 4 tot max. 8 sessies bij de psycholoog terugbetaald zouden worden op voorwaarde dat de patiënt behoort tot de juiste doelgroep en verwezen wordt door een huisarts of psychiater. Het remgeld voor de patiënt bedraagt 11 €, het tarief bij de psycholoog zal 45 € bedragen. Het idee is zonder meer historisch te noemen. Voor het eerst overweegt een regering om eindelijk psychologische zorg terug te betalen. De manier waarop roept echter heel wat vragen op.

De psychologen zelf zijn echter allerminst opgezet met het voorstel. “Wat een historisch moment had kunnen zijn voor onze samenleving, gaat helaas verloren. Omwille van de beperktheid in budget en politieke compromissen, wordt er een voorstel uitgewerkt wat niet realistisch is voor de sector,” reageert Lowet teleurgesteld.

Er zijn 3 grote pijnpunten in het voorstel. Vooreerst de tarieven waar de psychologen aan moeten werken. “Het voorstel houdt in dat psychologen aan een vast tarief moeten werken van 45 €. Vandaag de dag werken we aan een tarief van 60 – 65€. Men vraagt ons dus eigenlijk om in te leveren, terwijl het huidige tarief nu al niet levensvatbaar is. Dit maakt dat vele collega’s deeltijds werken in de praktijken en dat de capaciteit aldaar onderbenut blijft. We willen onze praktijken net kunnen ontwikkelen zodat we de lange wachtlijsten in de sector kunnen wegwerken. Met deze voorwaarden verwachten we dat de collega’s massaal zullen weigeren om in te tekenen en dat dit voorstel dus een maat voor niets is,” stelt Lowet.

Een ander pijnpunt is de verplichte doorverwijzing door de huisarts of psychiater. Lowet vindt dit bijzonder merkwaardig: “Niemand is daar vragende partij voor, noch de huisartsen zelf, noch wij of de patiënten. De drempel naar een psycholoog is zo hoog, dat slechts 5 % van de mensen met psychische klachten uiteindelijk bij een psycholoog terecht komt. Het heeft dan geen zin om nog een extra drempel in te bouwen. Bovendien moet ook die consultatie terugbetaald worden, dus erg kostenefficiënt is dat ook niet,” aldus Lowet.

Tot slot is er nog de manier hoe er terugbetaald zal worden. “Het idee is om de middelen toe te kennen aan een ziekenhuis binnen een GGZ – netwerk. Dat ziekenhuis moet dan contracten afsluiten met individuele klinisch psychologen in het veld,” legt Lowet uit: “maar in de GGZ hervorming proberen we net al jaren de positie van het ziekenhuis af te bouwen en het zwaartepunt over te hevelen naar de eerstelijnszorg. Het is dan ook bijzonder vreemd om het ziekenhuis nu een centrale rol te laten spelen in de eerstelijnszorg.”

Uit https://www.vvkp.be/nieuwsbericht/psychologen-vrezen-dat-terugbetaling-maat-voor-niets-zal-zijn

Hoe het “RUP  SINT-VERONA” de veiligheid van patiënten mogelijks in gevaar brengt!

Beste inwoner van Sint-Verona,
Beste buur,
Beste patiënt,
De gemeente Bertem kondigde recent een  voorstel aan voor een Ruimtelijk Uitvoeringsplan ( RUP ) in St-Verona.  Dit plan (https://www.bertem.be/RUP-kern-Verona) houdt o.a.in dat de bestemming, de ruimten waar gebouwd mag worden, de zones voor landbouw, recreatie, natuur e.d. kunnen worden veranderd.  De huidige bestemming van bepaalde gronden/eigendommen kunnen hierdoor dus aangepast worden.  Als bewoners van St-Verona en directe betrokkenen van dit RUP zijn we zeer bezorgd om de ingrijpende veranderingen die de plannen suggereren.  Daarom rekenen we op jullie steun!
De aankondiging van het RUP liet volledig te wensen over. Via een sumiere folder in de brievenbus werden we als bewoners van Sint-Verona op de hoogte gesteld. Veel  mensen hadden deze folder tussen hun post niet opgemerkt. Bovendien moest er online worden ingeschreven op het eerste overlegmoment van 25 januari, hetgeen niet voor iedereen vanzelfsprekend is.  Een groot deel van onze oudere buurtbewoners beschikt noch over de de mogelijkheden, noch  over de kennis om op deze manier deel te nemen aan het overleg. Voor een project van deze omvang en deze impact, dat uitbesteed werd aan een planningsbureau (CREOSUM, Hasselt ) , boezemt deze gang van zaken zeer weinig vertrouwen.
Volgens de startnota ( zie bron: Startnota blz. 52) zal er een ‘ betere doorwaadbaarheid’ voorzien worden door de kern van Sint-Verona.  Eén van de doelstellingen is om de zichtbaarheid op onze geliefde Sint-Veronakapel te verbeteren. Over wat dit in realiteit inhoudt, werd op de startvergadering zeer vaag gebleven. We vragen ons af of er er al concrete plannen bestaan.
Enkele voorbeelden van veranderingen die mogelijks zouden gebeuren en die een grote impact zouden hebben op ons dagelijks leven in Sint-Verona en op het leven in de omliggende woonkernen:
Er zou mogelijks een weg worden aangelegd/uitgebreid door tuinen vanaf de Kapellestraat (ter hoogte van de bruine hangaar van de heer Van Elsen). Deze weg zou dan mogelijks achter en dwars door de tuinen van de huisnummers 301 tot en met 268 in de Dorpstaat lopen en zou dan heel wat eigendommen doorkruisen. De weg zou dan vervolgens richting Poelstraat en Kerstraat doorgetrokken, opnieuw door de tuinen van de buurtbewoners.
De hangaar in de Dorpstraat (François De Kelver) werd sinds jaren gedoogd door het gemeentebestuur. Aangezien deze hangaar initieel werd gebruikt voor landbouwactiviteiten (witloof) , mocht deze in landbouwzone blijven staan. Momenteel is er helemaal geen landbouwactiviteit in deze hangaar. In plaats van de oorspronkelijke bestemming (landbouw) terug te geven ( dit zou bovendien de zichtbaarheid op de kapel verhogen),  wordt er in het RUP een nieuwe woon-en verkeersas gesuggereerd die mogelijks zou doorlopend naar de Tervuursesteenweg
Het bos in de Dorpstraat tussen nummers 264 en 266 zou mogelijks bebouwd worden met ééngezinswoningen. Momenteel is enkel het voorste deel van 25 meter bouwgrond. Aangezien deze bouwgrond in overstromingsgebied ligt (aan de Voer), werd door het gemeentebestuur aangegeven dat er op minstens 5 meter afstand van de Voer moet gebouwd worden. We vragen ons af of dan  het achterste deel van het bos (momenteel  geen bouwgrond) en de omliggende velden een herbestemming krijgen als bouwgrond zodat meer naar achter gebouwd kan worden… Dit heeft serieuze weerslag niet alleen op de rust en de waarde van de omliggende tuinen maar ook naar privacy van bewoners en patiënten.  Bovendien is het bos momenteel een belangrijke habitat voor vogels en klein wild.  Een ander probleem is de afwezigheid van een degelijke toegangsweg naar deze nieuwe bouwzone. Om een goede toegangsweg te bekomen, zou men dan mogelijks ofwel een weg door het bos via de Dorpstraat  (door de tuin van Dorpstraat nummer 264) kunnen aangelegd worden , ofwel zou dan het kleine zijstraatje in de Kuipersberg (in de volksmond het straatje van Van Der Elst ) kunnen doorgetrokken worden (doorheen het veld / en of de boomgaard van nummer 266) naar de nieuwe bouwgronden? We beschuldigen expliciet niemand maar stellen de onduidelijkheid én de mogelijke vreselijke consequenties voor de huidige bewoners aan de kaak!
Mogelijks zullen enkele van de bouwgronden in de nabijheid van de Kuipersberg onbebouwbaar worden verklaard, hetgeen dus zeer nadelig is voor de huidige eigenaren van deze gronden. Anderzijds zouden andere gronden een herbestemming krijgen als bouwgrond, hetgeen dan weer zeer voordeling uitkomt voor de betreffende bezitters.
Een ander punt van ongerustheid betreft een mogelijkse wijziging in de verkeerssituatie op de Kuipersberg. Deze zou hetzij éénrichtingsverkeer worden, hetzij volledig afgesloten worden thv de Tervuursesteenweg.  Dit zou een omweg betekenen voor heel wat inwoners van Sint-Verona en voor onze praktijk. Zij zouden de Dorpstaat enkel nog kunnen bereiken via het rond punt aan de Blokkenstraat, via het Bies of via de Boskee.  Dit zou een extra belasting zijn voor het verkeer dat op deze punten nu al heel druk is.
Omdat we momenteel nog maar in de RUP-fase zitten, zijn de voorgestelde veranderingen zeer vaag en sumier. Het is moeilijk om bezwaar aan te tekenen tegen een plan dat niet concreet is voorgesteld. Eens deze eerste fase voorbij is, ligt herbestemming van de gronden wettelijk vast. Dit is een vrijgeleide voor de gemeente om hun (zijn er dan echt nog geen bestaande “plannen”, voorstellen?) door te voeren.
Tijdens de startvergadering van 25 januari werden veel vragen gesteld over deze mogelijkse veranderingen.  De antwoorden van het gemeentebestuur bleven zeer vaag. Dit doet wel wat vragen rijzen.  Eén van de grootste bezorgdheden ging over onteigeningen. Hierop werd enkel geantwoord dat men dit niet van plan is, maar er werd geen enkele garantie gegeven.  Ook de vermindering van waarde van gronden en de verstoring van de rust in onze woonkern baart veel bewoners zorgen.  Wij , buurtbewoners, genieten dagelijks van onze tuin en eigendommen, onderhouden deze, onze kinderen hebben een veilige en groene omgeving waarin zij kunnen spelen en opgroeien. We zijn ervan overtuigd dat de plannen van de gemeente enorme overlast met zich mee zullen brengen, zoals sluikstorting en lawaaihinder, schending van onze privacy door de toestroom van wandelaars en fietsers die zich doorheen onze tuinen zullen verplaatsen.
We wensen  uitdrukkelijk bezwaar aan te tekenen tegen het voorgestelde RUP en de verdere plannen die daaraan gekoppeld zullen worden.
 Betuig uw steun en stel vragen aan het gemeentebestuur!

“De Zaak Kaat Bollen”

Naar aanleiding van “de Zaak Kaat Bollen” zou ik graag het artikel van collega Nicole Vliegen willen delen…..

dinsdag 12 januari 2021 om 3.25 uur (De Standaard).

Psychologen moeten wel degelijk nadenken over hoe ze zichzelf uitdrukken en presenteren in hun privéleven, schrijft Nicole Vliegen. Dat kan de relatie met hun cliënten beïnvloeden.
Wie ervoor kiest om psycholoog of psychotherapeut te worden, kiest er ook voor om iets van zijn persoonlijke vrijheid af te staan. Om anderen te kunnen helpen, is het cruciaal dat je je eigen verlangens en wensen soms opzij schuift, samen met je oordelen en vooroordelen. Je moet de ander kunnen ontvangen en benaderen without memory or desire zodat die zich ten volle kan uiten en zichzelf kan ontdekken en verkennen in de relatie met jou als hulpverlener. Cliënten willen hun eigen noden en verlangens centraal kunnen stellen bij hun hulpverleners, hun eigen angsten, (seksuele) fantasieën en (seksuele) trauma’s.

Een psychotherapeut is gelukkig geen wit scherm, geen koel iemand die geen wensen en verlangens kent, geen neutrale aseksuele figuur. Kortom, niet iemand die leeft without memory or desire . Maar een psycholoog heeft wel een extra opdracht: goed nadenken over hoe en waar je toont wie je bent. Ook andere hulpverleners in de sector van de lichamelijke en geestelijke gezondheidszorg moeten zich daarover bezinnen, en dat vergt best wat zoekwerk.

Confronterende foto’s
Hoe en waar ontvang ik mijn cliënten? Wat zegt de inrichting van mijn professionele werkruimte over wie ik ben? Zouden de zichtbare en nadrukkelijke foto’s van mijn kinderen in mijn werkruimte iemand ervan kunnen weerhouden om te spreken over het verdriet van een onvervulde kinderwens? Vergeet ik niet dat sommige gezinnen zich geen vakanties kunnen permitteren, wanneer ik foto’s van een luxueuze vakantie op mijn openbare Facebookaccount post? Die sexy foto’s aan het zwembad, maken die het me niet lastiger in de therapieën van slachtoffers en daders van seksueel geweld? Houd ik er rekening mee dat mijn verslaafde cliënten me minder ernstig kunnen nemen sinds ik foto’s heb gepost waarop ik zichtbaar dronken geniet van vrouwelijk schoon, en dat ze me daarover kunnen aanspreken? Denken over die zaken behoort tot de basisattitudes en -vaardigheden van elke psycholoog.

Hoe privé zijn sexy foto’s op sociale media en een webshop voor seksspeeltjes?
Een psycholoog is een mens met eigen wensen en verlangens, eigen angsten en problemen, en heeft net als ieder ander het recht om zichzelf te ontwikkelen en te uiten in de privésfeer. Een psycholoog heeft het recht om binnen die privésfeer dronken te zijn, seksualiteit te beleven, te genieten van vakanties. De opdracht is vooral – net zoals voor elke andere hulpverlener – om te zoeken naar een goed evenwicht tussen je persoonlijke leven en ontwikkeling en de relatie met je cliënten in de therapiekamer, want alleen dan kun je je hen alle kansen geven op een werkzaam psychotherapeutisch proces.
Dat is geen makkelijke opdracht in tijden van Facebook en Instagram. Hoe privé zijn sexy foto’s op sociale media en een webshop voor seksspeeltjes? Hoe houd je die zeer duidelijke uitingen van wie je bent buiten je professionele relaties? Kun je het überhaupt verantwoorden als psycholoog te werken én dildo’s aan te prijzen?

Hoe is het voor de cliënten?
Ik ben op geen enkele manier betrokken bij de beoordeling van de Psychologencommissie van Kaat Bollen (DS 11 januari) en spreek me zelf niet uit over wat al dan niet terecht is. Ik hoop dat de commissie haar werk goed gedaan heeft, en dat ze vooral de (soms kwetsbare) cliënt centraal heeft geplaatst. Ik kan me voorstellen dat de leden zich hebben afgevraagd wat het voor sommige cliënten kan betekenen, wat het kan oproepen en teweegbrengen in therapeutische processen, als je zoveel ziet en weet van je psycholoog in dat zo kwetsbare domein van de seksualiteit.

Ik hoop dat de commissie dat heeft besproken met Kaat Bollen, en dat zij kan uitleggen en aantonen hoe ze daar bedachtzaam en professioneel mee omgaat – steeds met de deontologische code van de Belgische Psychologencommissie en de toonaangevende American Psychological Association in het achterhoofd.
Nicole Vliegen

 

Giften

Dankzij giften die we ontvangen, kunnen we mensen met laag of zonder inkomen toch voorzien van therapie. Iedere gift, hoe klein ook, kan ons helpen om niet alleen alle mensen van hulp te voorzien maar ook om ons voortdurend bij te scholen om een zo professioneel mogelijk aanbod te voorzien.

U kan uw gift storten op het rekeningnummer BE81 7350 5476 0124 (KBC) met de vermelding ‘Gift uw naam en uw bedrag’.